de vorige keer dreven ze me in een hoek
nu ben ik voorbereid
ik heb na haarfijn onderzoek
een lijstje gemaakt
toegespitst op de gedragscode diversiteit en inclusie
en natuurlijk eeuwenoude traditie
als respectabel dichteres heb ik de namen paraat
van de dichters en hun partners
hun huisdieren, kleuterjuf, maîtresses
ik weet hun BSN en hun pincodes
en welke seksdroom ze gisteren hadden
ik heb de mijn inziens beste zinnen uit hun oeuvres gerukt
opgepoetst, klaargelegd
ik heb zelfs een favoriete filosoof tegenwoordig
als ethiekkapstok voor mijn hele artistieke zijn
de moderne vrouw kan niet zonder
een intellectueel verantwoord rariteitenkabinet
mocht iemand ooit nog aan mijn dichterschap twijfelen
smijt ik de deuren open en spreek
spuug gestolen poëtica als in het circus
tot hun gezichten eraf branden
zet dan nog maar eens vraagtekens
kijk, jij voelt misschien hoe woorden je longen schoonspoelen
je aderen vullen met licht
maar ik ken alles van Anna Enquist uit mijn hoofd
ook wat ze heeft weggegooid
want kijk, ik, échte dichter
woon onderin haar prullenbak
als ik wakker word drink ik zwarte koffie, rook een sigaret
herhaal wie de dichter der Nederlanden is
wat we daarvan vinden
wie de stadsdichters zijn van ieder uit zijn groeven gebarsten klote-dorp
welke veertig jonge dichters hot and happening zijn
wat we daarvan vinden
lees alle gedichten die in de nacht geschreven zijn
onthoud ze, woord voor woord
en ’s nachts zit ik trillend bij de voordeur
bundels en honkbalknuppel in de hand
wachtend tot ze me komen halen
me het recht op woordkunst eindelijk ontzeggen
omdat ze het hebben ontdekt:
ik heb nog nooit iets van Remco Campert gelezen.
Aafke van Pelt (1998) is schrijver, dichter, theatermaker en beeldend kunstenaar. Haar werk verscheen onder andere bij Op Ruwe Planken, Kluger Hans, papieren helden, De Gids, Hard//hoofd, het Shakespeare is Dead theaterfestival en Dichters in de Prinsentuin. Ze is zakelijk leider bij de eigenzinnige theaterstichting Underground Theatre en vaste schrijver bij shortreads.nl. In haar werk zoekt ze naar het uiterste van lichamelijkheid, het gruwelijke van het alledaagse en de monsterlijke mens; haar beeldende werk, daarentegen, is speels, camp en kleurrijk. In haar vrije tijd bezoekt ze graag oude begraafplaatsen. Aafke zit in het aanmoedigingstraject van Wintertuin.


